Abstract
Onderscheid naar etnische afkomst en termen als ‘negroïde ras’ in medische richtlijnen zijn bekritiseerd, onder meer in dit tijdschrift. Ook de termen ‘allochtonen’, ‘niet-westers’, ‘creools’ en ‘Hindoestaans’ worden soms als kwetsend ervaren. Toch zijn er aan etnische afkomst gerelateerde ziekterisico’s waarbij de zorg beter wordt als artsen hiermee rekening houden, omdat aandacht hiervoor bijdraagt aan persoonsgerichte, cultuursensitieve zorg. Daarom willen wij een discussie op gang brengen over de vraag wanneer, en met welke termen, etnische verschillen benoemd moeten worden in medische richtlijnen en onderzoek. Wij denken dat termen zo precies mogelijk en niet aanstootgevend zouden moeten zijn, bijvoorbeeld ‘migratieachtergrond’ in plaats van ‘allochtoon’, en ‘Afro- Surinaams’ in plaats van ‘creools’. Wij nodigen richtlijnmakers, onderzoekers en mensen van verschillende etnische afkomst uit om hierover in gesprek te gaan. In 2019 verscheen in dit tijdschrift een artikel waarin bezwaar werd gemaakt tegen het gebruik van de termen ‘negroïde ras’ en ‘zwarte mensen’ in de richtlijnen ‘Chronische nierschade’ en ‘Cardiovasculair risicomanagement’. Hierin werd gewaarschuwd tegen het onderscheid maken naar etnische afkomst terwijl mogelijk andere, onderliggende factoren het verschil kunnen verklaren, zoals spiermassa in het geval van verschillen in nierfunctie.1 Bovendien worden de termen als onnauwkeurig voor de populatie in Nederland ervaren en als mogelijk stigmatiserend, hetgeen goede zorg in de weg kan staan. Vergelijkbare geluiden werden gepubliceerd in Medisch Contact en rechtstreeks aan het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) gestuurd. Deze leidden ertoe dat het NHG samen met onderzoekers op het gebied van etniciteit en gezondheid in gesprek ging met de auteur van het betreffende artikel over de vraag wanneer en met welke termen etnische verschillen in gezondheid benoemd moeten worden. De weerslag van dat gesprek vormde de basis voor dit artikel. Onderscheid naar etnische afkomst is soms relevant Allereerst dient zich de vraag aan, of we in de geneeskunde überhaupt onderscheid zouden moeten maken naar etnische afkomst. Dit kan negatieve associaties oproepen met discriminatie. Waarom zouden we dan toch bewust onderscheid willen maken naar afkomst? Wereldwijd bestaat ongelijkheid in gezondheid, het vóórkomen van ziektes, zorggebruik en soms in uitkomsten van zorg tussen etnische minderheidsgroepen of migranten en de meerderheidsbevolking; deze ongelijkheid kan niet volledig verklaard worden door ongelijkheid in bekende risicofactoren en sociaal-economische status.2,3 De oorzaken van de ongelijkheid zijn multifactorieel; hierbij spelen zowel sociale, genetische als culturele factoren een rol. De tabel geeft een paar voorbeelden. NED TIJDSCHR GENEESKD. 2021;165:D5445 1 ETHIEK Tabel Voorbeelden van relevante etnische verschillen in morbiditeit of behandeling Voor goede zorg is het soms nodig om onderscheid te maken naar migratieachtergrond of